HIGGSVELD EQUIVALENTIETHEORIE (HET)
Grootste probleem in de natuurwetenschap is dat de algemene relativiteitstheorie niet aansluit op de kwantumtheorie. Dit speelt met name in het centrum van zwarte gaten. Volgens de theorie van Einstein (dat gaat over zwaartekracht), moet de massa in het centrum van een zwart gat gebundeld zijn in een singulariteit, samengeperst tot een punt van oneindige dichtheid aan massa en nul volume. Volgens de kwantumtheorie (dat gaat over het gedrag van materie op het kleinste niveau) kán een singulariteit helemaal niet bestaan, omdat deze theorie een maximale eindige dichtheid aan massa oplegt. Mijn Higgsveld equivalentietheorie (HET) verenigt nu de algemene relativiteitstheorie en de kwantumtheorie, door de singulariteit in het zwarte gat te vervangen door een ster in de vorm van een bol van Quark-gluonplasma.
Onomstotelijk bewijs dat zich in het centrum van zwarte gaten een Quark-Gluonplasma bevindt (in plaats van een singulariteit) werd in 2015 geleverd door het Laser Interferometer Gravitational-Wave Observatory. LIGO deed op 14 september 2015 de allereerste directe waarneming van zwaartekrachtgolven, afkomstig van twee botsende zwarte gaten. Omdat een Quark-Gluonplasma een vloeistof is, gedraagt het zwarte gat zich als een perfecte vloeistof met een extreem lage viscositeit (stroperigheid). Dit verklaart waarom de trillingen die LIGO meet zo ‘zuiver’ zijn. Het plasma dempt de trillingen bijna onmiddellijk, precies zoals we zien in de data. LIGO heeft daarmee onomstotelijk vastgesteld dat in het hart van zwarte gaten een Quark-Gluonplasma Ster aanwezig is en geen singulariteit. En daarmee ook dat zwaartekracht géén gekromde ruimtetijd is, maar een gekromd energieveld.
Sinds 2012 weten we dat het heelal gevuld is met het Higgsveld (higgsbosonen). Het Higgsveld verklaart het bestaan van traagheid van massa (een eigenschap van materie om zich te verzetten tegen elke verandering in haar bewegingstoestand) door de toevoeging van dit energieveld aan het Standaardmodel van de Elementaire deeltjes. Simplistisch gezegd zijn higgsbosonen klontjes in het heelal waar andere deeltjes doorheen bewegen. Doordat higgsbosonen aan een ander deeltje ‘blijven plakken’, krijgen deze deeltjes hun massa (oftewel de interactie tussen higgsbosonen en fermionen). Hoe meer higgsbosonen aan dit deeltje blijven plakken, hoe meer massa dit deeltje heeft.
Het foton bezit géén koppelconstante met het Higgsveld, waardoor het zich ongehinderd door het Higgsveld verplaatst. Dit verklaart de constante lichtsnelheid zonder de noodzaak van relativistische tijd-ruimte-transformaties (lengtecontractie en relatieve tijd). Het geeft een nieuwe verklaring voor de uitkomst van het Michelson en Morley experiment uit 1887. De speciale relativiteitstheorie behoort met het vinden van het Higgsveld dan ook definitief tot het verleden, hoewel het tweede postulaat van deze theorie wel degelijk juist is. Deze zegt dat het licht zich in de lege ruimte steeds met een bepaalde snelheid voortplant, onafhankelijk van de bewegingstoestand van het uitzendende lichaam. De verklaring hiervoor is dus dat het foton géén koppelconstante bezit met het Higgsveld.
Gevolg van het verlies van de noodzaak om relativistische tijd-ruimte-transformaties (lengtecontractie en relatieve tijd) toe te moeten passen is dat de zwaartekracht géén gekromde ruimtetijd kán zijn, maar dat zwaartekracht een gekromd energieveld is, dat ontstaat als direct bijproduct van de interactie tussen higgsbosonen en fermionen.
In mijn Higgsveld equivalentietheorie is het heelal gekromd als een bol (ruimtelijk vierdimensionaal). Als je in een rechte lijn blijft vliegen, kom je uiteindelijk terug op je startpunt. Kenmerk van een ruimtelijk vierdimensionaal heelal is dat élk punt in het heelal het middelpunt van het heelal is. Kenmerk van een ruimtelijk vierdimensionaal heelal is ook, dat sterrenstelsels niet van ons vandaan vliegen, maar dat alleen de tussenruimte tussen deze sterrenstelsels groter wordt. Sterrenstelsels staan al vanaf de oerknal op dezelfde plek in het heelal. Een reeds breed gedragen idee in de kosmologie.
Mijn Higgsveld equivalentietheorie (HET) breekt met de abstracte ruimtetijd-geometrie van Einstein en keert terug naar een mechanische basis. De kern is dat het heelal niet gevuld is met het Higgsveld (een alom aanwezig energieveld van higgsbosonen), maar dat het fysieke heelal en het Higgsveld logisch equivalent zijn (Higgsveld ≡ heelal). Het heelal en het Higgsveld zijn één en hetzelfde. Vandaar de naam Higgsveld equivalentietheorie (HET).
Op deze website is een PowerPointpresentatie opgenomen met een uitleg van de Higgsveld equivalentietheorie (HET).
Ook is op deze website een uitgebreide pdf document te lezen genaamd: “HIGGSVELD EQUIVALENTIETHEORIE (HET)”.
